Mening
U zegt het maar: Wie is de baas in onze gemeente?

In de gemeentepolitiek bestaan formele regels. En er bestaat de praktijk. Soms lopen die twee parallel. Soms wringt het een beetje. En soms schuurt het zichtbaar. Dat laatste gebeurde 10 maart in de gemeenteraad van Leidschendam-Voorburg.

Aanleiding was een persbericht van het college van B&W. Daarin stond dat het college had ingestemd met het nieuwe bestemmingsplan voor Vlietland Noord. ‘Ingestemd’ – een klein woord, maar voor de meeste lezers klinkt het alsof het plan al is vastgesteld. Bovendien gaat het huidige college er in feite niet meer over. Want volgende week zijn er verkiezingen en komt er een nieuwe raad en wellicht ook een nieuwe coalitie. En dan pas zal over het nieuwe bestemmingsplan gesproken worden. De laatste raadsvergadering is intussen al geweest.

En dan komt het: dat besluit over het bestemmingsplan moet volgens de wet door de gemeenteraad worden genomen. Na een vrije en onafhankelijke afweging. Bij een onderwerp dat zo gevoelig ligt als de plannen voor vakantiewoningen in Vlietland – en vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen – is dat geen detail. De nieuwe raad kan er immers heel anders over denken dan het huidige college. Daar zijn vele aanwijzingen voor. Maar het persbericht gaat aan die realiteit voorbij.

Het voorval staat niet op zichzelf. Wie de lokale besluitvorming de afgelopen jaren volgt, ziet een bredere ontwikkeling. Niet spectaculair, maar wel gestaag: de feitelijke invloed van de gemeenteraad komt vaak pas laat in het proces.

Plannen worden voorbereid, gesprekken met ontwikkelaars worden gevoerd, kaders worden uitgewerkt. Tegen de tijd dat het dossier bij de raad belandt, ligt er vaak al een uitgewerkt pakket op tafel.

Bestuurskundigen hebben daar zelfs een term voor: decision-making capture. De belangrijkste keuzes worden vroeg in het proces ‘gevangen’. Participatie en politieke besluitvorming in de raad volgen daarna, maar kunnen de uitkomst nog maar beperkt veranderen.

Dat zie je bijvoorbeeld bij anterieure overeenkomsten met projectontwikkelaars, waarin financiële en ruimtelijke afspraken al zijn vastgelegd voordat de raad formeel een besluit neemt. Of bij delegatie van bevoegdheden aan het college, waardoor praktische beslissingen geleidelijk verschuiven van de raadzaal naar het bestuur.

En soms zie je het ook terug in communicatie. Een persbericht dat een besluit van het college presenteert als feit kan de indruk wekken dat het politieke besluit eigenlijk al genomen is.

Juist daarom diende een aantal raadsleden op 10 maart een motie in. De opdracht aan het college was eenvoudig: gebruik geen subjectieve, waarderende of richtinggevende kwalificaties in persberichten over voorstellen die nog ter besluitvorming aan de gemeenteraad worden voorgelegd. De motie werd aangenomen.

Maar van de burgemeester viel meteen te horen dat de motie niet zal worden uitgevoerd. Dat roept een ongemakkelijke vraag op. Als de gemeenteraad een duidelijke uitspraak doet en het bestuur die naast zich neerlegt, wat zegt dat dan over de verhoudingen?

De Gemeentewet is daar eigenlijk heel duidelijk over. De gemeenteraad is het hoogste orgaan van de gemeente. In theorie althans. In de praktijk lijkt het soms alsof de raad pas aan het eind van het proces aan zet komt. Terwijl democratische legitimiteit juist daar zou moeten beginnen.

Het incident van 10 maart is misschien klein. Maar het raakt wel aan een grotere vraag. Wie is echt de baas in onze gemeente?

(Sander Wennekers)

Socials

vlietnieuwsfacebookOp Facebook

vlietnieuwtwitter Op Twitter

Social Media Auto Publish Powered By : XYZScripts.com