Vooropgesteld dat we als bewoners nut en noodzaak zien in de verbetering van mobiliteit in de omgeving in brede zin. De samenleving verandert, de wijze waarop we ons wensen te verplaatsen verandert en dit vraagt een integrale visie op de inrichting van onze leefomgeving. Vanuit een constructieve grondhouding, en het besef dat Voorburg-West een belangrijk knooppunt is in de regio, uiten wij als inwoners niet enkel onze zorgen maar hebben tot op heden ook alternatieven aangedragen voor de ontwikkelingen in onze directe omgeving. Met u is onze inzet gericht op goede doorstroom van verkeer, veiligheid, leefbaarheid en behoud van historie. De recent gestuurde brief roept echter meer vragen op dan het antwoorden geeft.
De Kippenbrug is met reden een Rijksmonument. Een monument dat vanwege zijn bestaan én locatie waarde heeft. Niet lang geleden is gemeenschapsgeld geïnvesteerd in het onderhoud van de brug, om deze voor de omgeving duurzaam te kunnen behouden. De Kippenbrug is overigens niet het enige bijzondere op deze locatie; verbonden met de Kippenbrug is het Brugwachtershuis. Deze combinatie, op het iconische knooppunt van de drie Vlieten, is wat ons betreft bepalend voor het dorpszicht en de moeite waard in gezamenlijkheid te koesteren en beschermen op de huidige locatie. Of zoals de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (hierna: Rijksdienst) treffend verwoordt op haar website: “vanwege de situering, de bijzondere visuele en functionele samenhang tussen de complexonderdelen en vanwege de relatie met vergelijkbare brugcomplexen elders aan en over de Vliet, waardoor het een essentieel onderdeel van een groter geheel is.”
Welke informatie heeft u verstrekt aan de Rijksdienst om hen te kunnen laten adviseren in dezen? Hoe beoordeelt de Rijksdienst de mogelijk voorgenomen verplaatsing van de brug t.o.v. aangeboden alternatieven door omwonenden? Wanneer maakt u hun weging inzichtelijk? Als inwoners stellen we vragen bij de proportionaliteit van voorgenomen keuze; waarom zou een nieuwe fietsbrug precies op de plek van de Kippenbrug moeten komen? Welk zwaarwegend argument ligt ter grondslag aan het mogen en willen aantasten van een Rijksmonument t.o.v. een eerder aangedragen alternatief, waaronder een veilige fietsbrug 450 meter verderop, via het Diaconessenhuisterrein?
Veiligheid en mobiliteit gaan hand in hand. Bewoners van de Hoekweg ervaren de laatste jaren toenemende verkeerdrukte en afnemende veiligheid. Onze kennis en ervaring maakt dat we als bewoners graag meedenken over oplossingen. Verkeer over de Kippenbrug richting de Prinses Mariannelaan neemt toe, en de samenstelling ervan verandert. De fietsroute die u aangeeft te willen verbeteren behelst echter meer dan fietsers; de verkeerstroom over de Hoekweg bevat even zo zeer fatbikes, e-bikes, speedpedelecs en scooters. Hoe betrekt u dit bij uw afweging? Daarnaast
is de Hoekweg vanaf de Prinses Mariannelaan richting de Kippenbrug formeel enkel toegankelijk voor fietsers; de praktijk is anders. En ondanks menig verzoek (en toezegging) om te handhaven, vindt het verzoek van omwonenden om de veiligheid van de Hoekweg serieus te nemen geen gehoor. Daar waar bewoners vervolgens zelf weggebruikers aanspreken op overlast leidt dit meer dan eens tot agressie.
Wel/geen handhaving is onderdeel van een bredere (politieke) afweging en keuze qua inzet en zal eveneens vaak reactief zijn. Wanneer u ervoor kiest níet te handhaven, vragen we transparantie over die keuze én handelingsperspectief. We hebben als omwonenden vaker alternatieven aangedragen om de veiligheid te verbeteren, en zullen bovenal streven naar een structurele oplossing. Het veiligheidsvraagstuk raakt het gehele gebied van de Vliet tot de Prinses Mariannelaan.
Met uw voorgenomen inzet tot besluitvorming raakt een structurele oplossing (nog) verder uit beeld. Een andere inrichting van de fietsbrug met aansluiting op de Hoekweg betekent méér overlast; deze wordt namelijk toegankelijk voor (heel veel) meer en zwaarder gemotoriseerd verkeer. Omdat vooralsnog niet gekozen lijkt te worden voor – op zijn minst – spreiding van verkeer zal een significante stijging van verkeer over de Hoekweg voor toenemende onveiligheid en opstopping zorgen. Wanneer het eveneens mogelijk blijft vanaf de Prinses Mariannelaan de Hoekweg op te draaien, creëert dit ook daar toenemende onveiligheid: er is op deze weg geen gelegenheid tot veilig afslaan.
Heeft u in uw afweging de door de buurt aangedragen alternatieven voor een veilige fietsroute met betere doorstroom (waaronder de fietsbrug via het Diaconessenhuisterrein) meegewogen en beoordeeld? Zo ja, op basis van welke informatie heeft u toch voor een andere voorkeursoptie gekozen? In uw brief schrijft u bijvoorbeeld dat er nog extra metingen plaatsvinden komend jaar en het wachten is nog op inzicht in eerdere resultaten.
In het integrale beeld van de omgeving missen we als bewoners eveneens hoe u de toekomst met de ontwikkeling van het gebied rondom de Geestbrug voor u ziet. Hoe communiceren beide grote voorgenomen herinrichtingen met elkaar?
Bewoners zien de noodzaak van goede ontsluiting met de Binckhorst/stationsgebied Den Haag Centraal, maar ook ontsluiting stationsgebied Den Haag HS. De mogelijk voorgenomen route zorgt – vooralsnog – niet tot betere ontsluiting van één van deze routes. Eerder meer opstoppend verkeer. Omwonenden hebben alternatieven aangedragen voor de ontsluiting van de route via de Binckhorst (via het Diaconnessenhuisterrein bijv.). Hoe weegt u dit in de bredere ontwikkeling rondom de Vlietlijn? Welke gesprekken voert u met de Gemeente Den Haag over de noodzakelijke (her)inrichting van het kruispunt met de Maanweg (de recente gedane aanpassingen zorgen hier op piekmomenten voor nog meer opstopping van fietsverkeer i.p.v. de gewenste soepele doorstroom)?
Welke gesprekken heeft u gevoerd met buurgemeente Rijswijk voor de ontsluiting met het gebied Den Haag HS, en de mogelijkheid van (fiets)verkeer vanuit de richting Delft al eerder (en dus gespreid) richting Den Haag te geleiden over de Vliet?
De voorgenomen variant zoals beschreven in uw brief is niet de goedkoopste inzet van gemeenschapsgeld. Indachtig bovengenoemde argumenten die zien op de aantasting van een Rijksmonument (+ uitgaven aan recent gepleegd onderhoud) en onvoldoende doorslaggevend inzicht in motivatie op het gebied van mobiliteit en veiligheid, maken dat wij u vragen waarom dit een duurdere variant rechtvaardigt? Heeft u de door de bewoners aangedragen variant ook laten onderzoeken? En zo ja, wat zijn hiervan de uitkomsten en de overweging.
In december 2025 bent u uitgenodigd door een werkgroep namens en met betrokken bewoners van de Hoekweg, waar met u gesproken is over de huidige situatie, zorgen gedeeld zijn over de doorontwikkeling, vragen gesteld zijn (waarop nog geen terugkoppeling is) en alternatieven zijn aangedragen. Tijdens dat gesprek is eveneens afgesproken dat de werkgroep een terugkoppeling zou ontvangen, dit is niet gebeurd. Wanneer gaat deze terugkoppeling komen? U begrijpt dat recent gestuurde brief naar de buurt niet bijdraagt aan het gevoel serieus te worden genomen als omwonenden.
De link naar de website die u meestuurt in uw brief verwijst ons als bewoners naar verschillende platforms; van de Gemeente Den Haag naar de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). Daarover nog een tweetal punten. Ten eerste schrijft u in uw brief aan de omwonenden in uw laatste alinea dat de plannen worden uitgewerkt, bewoners en belanghebbenden mogen meedenken en een uitnodiging ontvangen en een definitief besluit om “het” ontwerp uit te voeren volgt nadat de gemeenteraden van Leidschendam-Voorburg, Den Haag en de provincie Zuid-
Holland hebben ingestemd. Op (één van de) websites waar u ons naar verwijst staat onder het kopje planning: “2026: de samenwerkende partijen hebben besloten om samen te investeren in een nieuwe brug voor fietsers. Het plan is om de huidige Nieuwe Tolbrug te verplaatsen naar Park Vreugd en Rust in Voorburg.” Is er voor bewoners nog een reële mogelijkheid tot participatie of zijn we feitelijk voor een voldongen feit gesteld? Ten tweede, wij beseffen dat de doorontwikkeling van het gebied over meerdere schijven gaat, en hebben begrip voor de complexiteit ervan. Als bewoners is het voor ons op dit moment echter onduidelijk wie er voor óns is. Wie is ons aanspreekpunt?
Wij verwachten dat onze gemeente onze belangen behartigt aan alle tafels die over de inrichting van onze leefomgeving gaan. Maar de inrichting van de huidige ‘participatie’ heeft een hoog kast-muur gehalte. Wanneer krijgen inwoners – ook zij die niet bij een inspraakavond konden zijn – terugkoppeling hiervan en waar kunnen zij informatie vinden? De buurt wil participeren; wij mogen verwachten dat participatie dan ook serieus wordt ingericht.
Wij vragen u aan te geven wanneer wie of welke gremium stappen wil zetten. Tot die tijd verzoeken we u met klem geen onomkeerbare stappen te zetten tot u (of uw ambtsopvolger) met ons in gesprek bent geweest, inzicht heeft gegeven in evaluaties, adviezen en meetresultaten, u kunt schetsen hoe dit traject zich verhoudt tot andere omvangrijke trajecten en met ons deelt hoe u alternatieven hebt gewogen en beoordeeld. Kortom, we wensen een integraal beeld alvorens tot eventuele besluitvorming kan worden overgegaan. En ten overvloede, dat de verantwoordelijk wethouder ons aanspreekpunt én onze stem is aan de verschillende (bestuurlijke) tafels.
Wij nemen u als ons democratisch gekozen vertegenwoordiger zeer serieus, en verwachten dat u omgekeerd hetzelfde doet. De werkgroep uit de wijk heeft bij herhaling proactief contact gezocht, constructief meegedacht en positieve suggesties aangedragen. We voelen ons als direct belanghebbenden door de huidige inrichting van het proces, toeschouwer in plaats van serieus genomen participant. We vragen uw inzet om onze participatie te borgen in het vervolgproces.
We zijn er van overtuigd dat we met gezamenlijke inspanning de leefbaarheid van onze mooie gemeente en regio kunnen vergroten en zien uw reactie graag tegemoet.
Namens de bewoners van de Hoekweg, Chantal Kok.






