Nieuws
Gemeente gaat over meer windmolens

Gemeenten gaan voortaan over locatiekeuze, ruimtelijke inpassing en situering op het perceel van windturbines tot 30 meter (boerenerfmolens). Dat heeft gedeputeerde Arno Bonte bekend gemaakt. Bij molens boven 30 meter is dat een zaak van de provincie. Tot nu toe lag de provinciale bevoegdheid bij turbines vanaf 15 meter hoogte.

Bonte: ‘De provincie constateert dat de afweging over het toelaten van boerenerfmolens sterk afhankelijk is van aspecten die spelen op lokaal niveau. Dit houdt in dat de afweging over kleine windturbines (buiten BSD: bestaand stads- en dorpsgezicht) en middelhoge windturbines (binnen BSD en in glastuinbouwgebied) primair wordt overgelaten aan de gemeenten’.

‘De provinciale regels richten zich alleen op het aanwijzen van locaties voor grote windturbines. Daarbij is de ondergrens van de provinciale betrokkenheid bij kleine windturbines opgetrokken naar 30 meter, dit was 15 meter. De gemeente is dus verantwoordelijk voor de afweging over locatiekeuze, ruimtelijke inpassing en situering op het perceel van (relatief) kleine windturbines tot 30 meter (boerenerfmolens)’.

‘De afweging hierover is in hoge mate afhankelijk van de lokale situatie en de lokale omstandigheden. Hetzelfde geldt per boerenerfmolen voor het in beeld brengen van de effecten en risico’s voor flora, fauna en natuur en de afweging daarover. GS erkennen de ecologische risico’s. Daarom wijst de provincie in het Omgevingsbeleid de gemeenten en initiatiefnemers op hun specifieke zorgplicht om te onderzoek of natuurwaarden negatieve gevolgen kunnen ondervinden’.

‘De provincie kan een zienswijze indienen als het natuurbelang of andere provinciale belangen in het geding komen. Ook monitort de provincie in algemene zin de beschermde natuur. Ten slotte geldt ook voor de uiteindelijke realisatie van windturbines dat dit veelal een vergunningplichtige flora- en fauna-activiteit of Natura 2000-activiteit zal zijn. De provincie is daarvoor het bevoegd gezag en houdt een vinger aan de pols voor wat betreft de effecten op natuur’.