Nieuws
B&W houden Mall-stukken geheim

B&W willen een verzoek van Mall-eigenaar URW om betaald parkeren bij het winkelcentrum te kunnen invoeren, niet openbaar maken. Reden: het goed functioneren van de gemeente. Dat blijkt uit een besluit van B&W naar aanleiding van een medio januari gedaan verzoek tot openbaarmaking van de stukken op grond van de Wet open overheid (WOO).

Het gaat om drie documenten:

– een mail van URW aan de gemeente d.d. 23 december 2025 met als onderwerp: Verzoek tot het invoeren van betaald parkeren bij Westfield Mall of the Netherlands,

– een brief van de General Manager van Westfield Mall of the Netherlands aan het college van B&W d.d. 23 december 2025. Onderwerp van de brief: Verzoek tot invoeren betaald parkeren bij Westfield Mall of the Netherlands,

– 3. Een onderzoeksrapport d.d. 19 december 2025 ter onderbouwing van het verzoek tot invoeren van betaald parkeren. Titel: Betaald parkeren Westfield Mall of the Netherlands – Verlagen parkeerdruk en verhogen omloopsnelheid.

‘Wij besluiten deze 3 documenten niet openbaar te maken op grond van de Woo. Wij weigeren de openbaarmaking van de documenten in zijn geheel op grond van artikel 5.1 lid 2 sub i van de Wet open overheid, het goed functioneren van de gemeente. Het belang van een zorgvuldige beoordeling van het door ons ontvangen verzoek van URW weegt op dit moment zwaarder dan het belang van openbaarmaking van de informatie’.

‘De reden is dat op dit moment het verzoek van URW over de invoering van betaald parkeren bij de Mall zich nog in een formele beoordelings- en bestuurlijke procedure bevindt. Wij doen deze inhoudelijke beoordeling zorgvuldig. Na een eerste screening van het verzoek laat de gemeente een second opinion doen en worden eraanvullende vragen gesteld aan URW over het verzoek’.

‘Voortijdige openbaring van (delen van) de informatie kan de besluitvorming beïnvloeden. Ook bestaat het risico dat er een premature publieke opinie ontstaat over de richting van de beoordeling van het verzoek gebaseerd op onvolledige informatie en/of het onjuist interpreteren van de informatie. Dit is ongewenst. Het schaadt ons belang van een zorgvuldige inhoudelijke beoordeling’.

‘Zodra ons inhoudelijke beoordelingsproces volledig is doorlopen leggen wij deze beoordeling, inclusief de door URW aangeleverde documenten, op basis van de wensen-en bedenkingenprocedure voor aan de gemeenteraad. Op dat moment worden de documenten, waar nodig geanonimiseerd, openbaar. Naar verwachting is dat voor het zomerreces van 2026’.