De provincie moet de regels voor woningbouw die men gemeenten oplegt op een aantal punten aanpassen omdat zij niet stroken met het rijksbeleid en woningbouw belemmeren. Dat terwijl er een groot tekort is aan woningen in de provincie. Dat blijkt uit een brief van minister Elanor Boekholt-O’Sullivan (volkshuisvesting en ruimtelijke ordening) aan Gedeputeerde Staten.
De kritiekpunten:
= de provinciale eis dat bij nieuwbouw minstens 33 procent van de woningen in de sociale sector valt kan een negatief effect hebben op bouwplannen. In plaats daarvan moet de eis gehanteerd worden dat tweederde van de te bouwen woningen in het segment ‘betaalbaar’ vallen,
= de provincie moet niet per project of wijk eisen stellen aan te bouwen woningen. De eisen moeten gemeentebreed gehanteerd worden,
= de provinciale beleidslijn dat bij buitenstedelijk bouwen het antwoord ‘nee tenzij’ is vormt een te grote beperking op de woningbouw. Het beleid moet zijn ‘ja mits’ waarbij het mits geldt voor een passende ruimtelijke context. Het mag dan niet gaan om zaken als bouwdichtheid of alleen bepaald aantal hectares.





