Vorige week woensdag werd het voorstel van PRO Leidschendam-Voorburg voor het hijsen van de vlag rondom Keti Koti door de gemeenteraad aangenomen. Het verzoek was om op 30 juni de Nederlandse driekleur halfstok te hangen. Dit ter ere van de nagedachtenis aan het slavernij- en koloniale verleden. En op 1 juli de vlag in de top te hijsen ter ere van de viering van de afschaffing van de slavernij.
Deze motie werd met een meerderheid aangenomen en is daarmee een besluit van de gemeenteraad waaraan moet worden voldaan. Tegen stemden CDA, VVD en Aandacht LV. De nadruk van de kritiek in de gemeenteraad lag vooral waarom PRO de werkgroep, die hiervoor speciaal was ingesteld, heeft overgeslagen. Dat heeft PRO niet, maar de maatschappelijke ontwikkelingen gaan dusdanig snel dat een samengestelde werkgroep op basis van vrijwilligheid helaas niet al deze ontwikkelingen scherp op het netvlies kan hebben.
Onder Nederlands bewind werd in de Nederlandse koloniën, ook vaak het Nederlandse volkslied gezongen, ondanks dat mensen niet wisten wie de Koning van Hispanje was en ze zeker ook niet van Duitse bloed waren. De Hollandse driekleur werd ook met trots en in volle glorie gehesen. Lang is in de geschiedenisboeken weinig over het koloniale verleden van Nederland verteld, behalve dat het heeft bijgedragen aan de welvaart van Nederland. Dat dit gepaard ging met uitbuiting, mensonterend handelen en buitensporige toepassing van geweld in alle vormen door de Nederlandse kolonisatoren werd vaak buiten beeld gelaten. De tot slaaf gemaakten, werden niet beschouwd als mensen, maar als roerende goederen in het bezit van iemand anders, namelijk de witte Nederlander. Ze werden gedehumaniseerd en tot objecten gemaakt.
Lang is het spreken over deze keerzijde van het koloniale verleden ‘een soort van’ taboe geweest: dat lag allemaal in het verleden en daar heeft de huidige generatie geen last van of geen schuld aan. En het gaat ook niet om de schuld- of lastvraag, maar om de doorwerking, die het slavernij- en koloniale verleden anno 2026 nog steeds heeft. Eeuwen van onderdrukking en uitbuiting werken door in het hier en nu. In racistische stereotypen, in discriminerende patronen van uitsluiting, in sociale ongelijkheid. En om dat te doorbreken, moeten we ook het verleden open en eerlijk onder ogen zien. En juist met het hijsen van een vlag rond Keti Koti doe je dat. Het hijsen van een vlag ‘ter ere van’ of ‘ter nagedachtenis aan’ heeft waarde. We hijsen vlaggen voor verdrietige momenten én om te vieren. Het geeft een gebeurtenis expliciete erkenning.
Voor PRO Leidschendam-Voorburg is het hijsen van de driekleur een manier om lokale erkenning te bewerkstelligen. Ik voel ook best wel teleurstelling dat het debat in de gemeenteraad niet ging over de waarden die we willen voorstaan als gemeenschap, maar dat het debat bleef steken op procedures en protocollen. Daarmee raakt de inhoud op de achtergrond en verschuift de aandacht van waar het echt om gaat. En je merkt dat er ook een klimaat ontstaat, waarin polariserende reacties, van anoniem en van een afstand, alle ruimte krijgen zonder oog te hebben voor wat deze erkenning voor veel mensen in Leidschendam-Voorburg betekent. Door als partijen in de gemeenteraad hierin mee te gaan en geen norm te stellen als het gaat om de polariserende uitspraken die worden gedaan, dragen deze partijen bewust bij aan een voedingsbodem hiervoor en houden we het ‘koloniale’ gedachtengoed in stand.
PRO zal altijd haar steentje bijdragen aan een solidaire en tolerante maatschappij, waar ruimte is voor diversiteit, voor mensen die geen thuis hebben en hun plek in de samenleving zoeken, hoe gepolariseerd de samenleving waarin we leven hier ook aan wenst bij te dragen.
(Sangita Paltansing, gemeenteraadslid PRO Leidschendam-Voorburg)





