Vijftien procent van de 4486 monumenten in de provincie verkeert in slechte staat. Op opknappen ervan kost naar schatting 117 miljoen euro. Dat blijkt uit een brief van gedeputeerde Rik Janssen. Bij de monumenten zijn woonhuizen niet meegerekend.

Janssen wil het percentage monumenten in slechte staat de komende vijf jaar tot tien procent terugdringen. Daarvoor is 39 miljoen euro nodig. Dat geld is er binnen het beleid van de provincie als anderen de provinciale subsidies verdubbelen (co-financiering). Soms is dat verplicht, soms niet.

De achterstand in onderhoud treedt vooral op in zes categorieën en in stedelijk gebied. Bij de categorieën gaat het om kerken, buitenplaatsen inclusief parken, boerderijen, oude schoolgebouwen en raadhuizen, verdedigingswerken en industrieel erfgoed zoals stadswerven en havens.

De meeste aanvragen voor subsidie komen voor kerken (dit jaar 13 van de 30). Onderhoud van lege kerken kost veel geld. De leegstand neemt toe, herbestemming is een probleem. Janssen wil met eigenaren, beheerders en gemeenten bezien of de eisen voor herbestemming en afstoting veranderd kunnen worden.

Overleg is er ook nodig over de buitenplaatsen die vaak groot zijn, niet alleen het gebouw maar ook het bijbehorende park. Naar de leegstand van boerderijen wordt een onderzoek gedaan. Overleg zal ook gestart worden inzake industrieel erfgoed.

Molens is een aparte categorie. Voor restauratie zijn er dit jaar zes aanvragen gedaan. Op zich hoeven  maar weinig molens opgeknapt te worden in de provincie.

Janssen stelt dat leegstand de onderhoudstoestand van monumenten sneller achteruit doet gaat. Hij wil herbestemming bevorderen. Daartoe wil de gedeputeerde nog deze zomer een actiebijeenkomst met alle betrokkenen houden.