Nieuws
Pleidooi voor verruiming openingstijden winkels

D66 wil dat ondernemers  de vrijheid krijgen om zelf te beslissen wanneer hun winkel open is. Daarom heeft D66-fractievoorzitter in de gemeenteraad, Jacco van Maldegem, een initiatiefvoorstel ingediend dat ervoor zorgt dat winkels ook op Goede Vrijdag, eerste Paasdag, eerste Pinksterdag en eerste Kerstdag hun deuren mogen open. Dat voorstel heeft D66 ingediend samen met GBLV.

Leidschendam-Voorburg beschikt straks met de Mall of the Netherlands over een hypermodern winkelcentrum dat heel veel banen oplevert. ,,Dan past het niet dat de gemeente ondernemers voorschrijft wanneer klanten wel en niet mogen winkelen”, aldus Jacco van Maldegem (D66). ,,En er zijn ook echt veel mensen die het heerlijk vinden om op eerste Paasdag of eerste Pinksterdag een dagje te winkelen.”

Bijkomend feit van dit D66-voorstel is dat de gemeente niet langer handhavers hoeft in te zetten om te controleren of winkels ook echt allemaal gesloten zijn op de avond van Goede Vrijdag, eerste Paasdag, eerste Pinksterdag, en eerste Kerstdag. Van Maldegem: ,,De handhavers kunnen dan meer tijd besteden aan het voorkomen van overlast, aan surveillances en aan de ondersteuning van evenementen op feestdagen.”

Van Maldegem snapt dat er ook mensen zijn die vanuit hun geloofsovertuiging moeite hebben om te werken op deze feestdagen. ,,Dat vergt inderdaad een goed gesprek tussen baas en medewerker. En dat gaat nu vaak ook goed. Want winkels mogen nu ook al open op zondagen.” De kans dat zo’n gesprek niet goed loopt, is voor Van Maldegem geen reden om alle andere inwoners dan te beletten om te kunnen winkelen, en om ondernemers te verbieden hun waar aan te prijzen. ,,Als we in dat soort situaties elkaar altijd allerlei dingen gaan verbieden, ontstaat een land waarin weinig mag.”

Onlangs bleek dat sommige winkels op Eerste Pinksterdag de deuren hadden geopend terwijl dat volgens een gemeentelijke verordening niet mocht. B&W gaven aan dat daar tegen niet was opgetreden omdat de gemeentelijke dienst handhaving te weinig mankracht had en degenen die wel dienst hadden met andere zaken bezig waren.