Mening
Burgerparticipatie: Processie van Echternach is sneller

Het was weer een bijzondere ervaring een Raadscommissie van de gemeente bij te wonen, vandaag een week geleden. Verwondering, verwarring en verbijstering wisselden zich bij mij af. Het onderwerp: burgers meer serieus gaan nemen en samen gaan werken met de gemeente aan oplossingen met draagvlak. Met een duur woord: burgerparticipatie. Het lijkt zo simpel en nuttig hier verbetering in aan te brengen maar zie hoe complex en stroperig het ook wordt gemaakt. Ook wordt dit essentiële thema voor burgers weer te politiek gemaakt en daardoor inhoudelijk afgeserveerd. Partijpolitiek boven de belangen van de burgers.

Sinds de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2018 staat het onderwerp Burgerparticipatie prominent op de agenda. Na ruim 1,5 jaar stond de Startnotitie met voornamelijk processtappen op de agenda van de Raadscommissie. De periode van 1,5 jaar is gebruikt voor veel studie, intern overleg, gesprekken met burgers en bijeenkomsten om input en ideeën op te halen uit de samenleving. Een wel uiterst zorgvuldige en langdurige aanpak met nu wel een erg kleine muizenstapjes voorwaarts. Hier begon mijn verwondering. Gaat zorgvuldigheid hier boven resultaat?

Een ieder is het er over eens dat de huidige relatie van de burgers en haar gemeente verre van optimaal is en niet meer van deze tijd is. Voorbeelden uit de praktijk hierover stapelen zich al jarenlang op. Het instrumentarium die deze relatie nu vooral bepaald zijn referendum en de burgerinitiatief verordening die minimaal gebruikt worden. En niet te vergeten de diverse inspraakmogelijkheden: veel te vaak zonder enige impact.

Burgers worden mondiger en meer geïnformeerd en willen directe invloed op zaken, zeker die ze direct raakt, zoals hun leefomgeving, veiligheid, gezondheidsbedreigingen, sociaal domein en onderwijs. Zaken waar de (lokale) overheid primair verantwoordelijk voor is maar er ook achterkomt dat ze veel uitdagingen allang niet meer alleen op kan lossen. Kijk maar eens naar de vele vrijwilligers die op veel terreinen actief zijn en het sociaal cement in de samenleving vormen. En ….. is de gemeente er niet van en voor haar burgers?

Samenwerking tussen burgers en gemeente biedt voor beide partijen veel voordelen. Zo kunnen burgers actief hun eigen maatwerkstempel drukken op hun eigen woon– en leefomgeving en kan de gemeente aan draagvlak, kwaliteit en slagkracht winnen door gebruik te maken van de denk- en doekracht van haar burgers. Maar meedoen is ook meebepalen. Het lijkt een duidelijke win-win situatie waar direct invulling aan gegeven zou moeten worden. Bijkomend voordeel: het past in de werkwijze en geest van de Omgevingswet die gaat komen.

Nu even terug naar de bijeenkomst van de Raadscommissie. Hoe gaat het bevoegd gezag en vooral onze vertegenwoordigers hier mee om? Op basis van de reacties van burgers heeft het college voorgesteld om te gaan experimenteren met uiteenlopende projecten op het vlak van burgerparticipatie. Ook wordt gedacht aan het instellen van een gemengd samengestelde Kerngroep. Kleine, maar op zich positieve stappen.

Nagenoeg unaniem waren de raadsleden over het feit dat het tempo veel te laag lag en het procesplan te weinig concreet, te wollig was en weinig houvast bood voor echte keuzes en stappen. Stevige kritiek, inclusief waardevolle suggesties kwamen van diverse partijen zoals GBLV, D’66, Groen Links en het CDA.

Verder konden de vele opmerkingen en suggesties gekenmerkt worden door twee sterk uiteenlopende denkrichtingen. De rekkelijken tegenover de regelaars. De eerste stroming pleitte voor daadkracht, ruimte geven, loslaten, werken aan vertrouwen en samenwerking. Daar tegenover stonden de bestuurlijke regelaars die eerst alle consequenties in beeld willen krijgen, spelregels en kaders willen formuleren en bovendien eerst meer planvorming waar onder een communicatieplan om te komen tot set van afspraken.

Na de opmerkingen van de raadsleden werd de reactie van de portefeuillehouder, burgemeester Klaas Tigelaar, sterk gekenmerkt door: het is wel een erg complexe materie, die raakt aan de vele rollen van het bevoegd gezag die eerst goed in beeld moeten komen. Het is bovenal ook een zaak van de gemeenteraad zelf en niet alleen van B&W. Een golf van verwarring overspoelde me: elke partij is voor burgerparticipatie want ze kunnen niet anders en toch komen ze er niet uit.

Geconcludeerd werd dat de Startnotitie op 10 december in de gemeenteraad aan de orde gaat komen, met mogelijk een motie van D’66 en een zogenoemd 10 minutendebat ervoor. Ik moet eerlijk erkennen, toen begon ik af te haken. Ondanks de vele fundamentele opmerkingen lijkt het proces nu gewoon door te gaan: verwarring slaat om in verbijstering.

Hoe deze impasse, in het belang van burgerinbreng en samenwerking nu te doorbreken? Want met deze aanpak en het vaststellen van deze Startnotitie is weer een processie van Echternach dossier opgetuigd, waar niemand op zit te wachten. Kritiek leveren, verplicht ook tot suggesties aandragen.

Enkele suggesties van mijn kant: neem als gemeenteraad het initiatief over via een brede motie en maak die leidend in het debat op 10 december in de gemeenteraad. Ditzelfde is gebeurd in de buurgemeente Voorschoten waar een fraai opgetuigd plan van de portefeuillehouder met veel spelregels, theorie, fraaie vergezichten en vereiste ambtelijke uitbreiding door een unaniem aangenomen motie in de gemeenteraad gepareerd werd. Gemeenteraadsleden neem nu uw verantwoordelijkheid. Kritiek is leuk maar daadkracht beter.

Bouwstenen zijn er genoeg. Ik zal u zeven concrete topics aanreiken.

Geef burgerparticipatiepilots (1) de tijd en ruimte om, in de praktijk, te werken aan het versterken van de relatie burger–gemeente via projecten met draagvlak. De meerwaarde van burgerparticipatie ligt in de praktijk en op straat. Dit op verschillende terreinen (2) waar onder gebiedsontwikkeling, sociaal domein, veiligheid en bereikbaarheid. Stel de huidige beginsituatie vast en evalueer de leerervaringen (3) in het kader van de lerende organisatie. Versnel (4) het proces door nu keuzes te maken en voorbereidende zaken niet na elkaar maar gelijktijdig te laten verlopen. Dit met nadruk op de praktijk en actie en niet op meer planvorming en mooie vergezichten.

Richt direct een gemengd samengestelde Kerngroep (5), met stevig mandaat in, als procesaanjager en begeleider. Stel duidelijke SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden) doelstellingen (6) vast voor pilots en Kerngroep in plaats van de meer gebruikelijke inspanningsverplichtingen. De laatste aanbeveling is de belangrijkste: investeer gelijktijdig in meer kennis en veranderingen (7) binnen het gemeentelijk apparaat. De kennis over burgerparticipatie in praktijk en beleid kan versterkt worden bij ambtenaren, college en raadsleden. Leer van andere voorbeelden en andere gemeenten en pas het eventueel toe op onze gemeente. En werk aan veranderingen op het vlak van mentaliteit / cultuur en de huidige werkwijze binnen het gemeentelijk apparaat. Van top down, intern en gesloten naar open beleidsontwikkeling en besturen.

Ik durf te stellen dat het effect van veranderingsprocessen binnen de gemeente bepalend zijn voor de slaagkans van burgerparticipatieprocessen. Al met al komt het neer op de volgende concrete vragen aan de gemeenteraad: Zijn onze afgevaardigden bereid concrete actie te ondernemen om dit proces te versnellen en versterken? Nemen we de invloed van burgers op beleid meer serieus, krijgt het meer ruimte en impact? Gaan we nu samenwerken in de praktijk op basis van vertrouwen in plaats van eenzijdig dichtgetimmerde kaders en regelgeving?

Het is nu aan de gemeenteraadsleden van de diverse politieke partijen om deze handschoen op te pakken en via een motie dit proces te versnellen en versterken: in het belang van burgers / ……….kiezers!?

(Rob van Engelenburg, docent Stichting Burger en Overheid)