Nieuws
Wethouder trekt boetekleed aan

Wethouder Juliette Bouw erkent dat zij drie stukken die zij onlangs naar de gemeenteraad zond in het kader van de mogelijke bouw van een nieuwe brug over de Vliet in Leidschendam, had moeten duiden. Zij gaf ook toe dat haar handelwijze tot verwarring aanleiding kon geven.

GroenLinks-fractieleider Jeroen van Rossum hekelde de handelwijze van de wethouder. Hij wees op een debat in december 2019 waarin Bouw aangaf de gemeenteraad pas te zullen informeren als zij het plaatje rond had. Zij wilde destijds geen deadline noemen.

Nu kwamen er plots wat losse stukken terwijl andere onderzoeken nog lopen, aldus Van Rossum. Hij vroeg naar de achterliggende redenen daarvoor. Bouw stelde dat zij na het debat in december had begrepen dat de gemeenteraad zo snel mogelijk geïnformeerd wilde worden.

Van Rossum uitte ook kritiek op de inhoud van de stukken. Zo is het verslag van beraad met de provincie Zuid-Holland (eigenaar-beheerder van de Vliet) voor meerdere uitleg vatbaar. Verder blijkt dat Bouw het Openbaar Ministerie maar één variant voor selectieve toegang van auto’s tot het Damcentrum heeft voorgelegd. En dat zij een ander ontwerp van de eventuele brug op kosten heeft laten doorrekenen dan eerder aan de gemeenteraad werd voorgelegd. Bovendien een ontwerp dat veel extra verkeer aantrekt, zoals uit eerder onderzoek bleek.

Verder vroeg het raadslid waarom de inwoners van Klein Plaspoelpolder (KPP) al meer dan een jaar niets meer van de gemeente hebben gehoord. De eventuele brug zou in KPP de oever bereiken inclusief een wegverbinding met de Oude Trambaan.

Wethouder Bouw gaf aan later met antwoorden op de vragen te komen. Zij bood, opnieuw, aan een commissie van de gemeenteraad tekst en uitleg te geven over de afgeronde en nog lopende onderzoeken.