Nieuws
Nieuw vragen rond Vlietbrug

Het provinciaal bestuur moet duidelijk maken of men voor of tegen een nieuwe brug over de Vliet in Leidschendam is, en waarom. Dat verlangt Jeroen Heuvelink, lid van Provinciale Staten voor D66.

Het Statenlid wil tevens opheldering over een beraad tussen gedeputeerde Floor Vermeulen, wethouder Juliette Bouw en wethouder Astrid van Eekelen over de brug op 10 oktober 2019.

In dat beraad ontstond onenigheid over de doorvaarhoogte van een eventueel aan te leggen brug. Vermeulen hield het op 5,6 meter, de wethouders op 3 meter. Na afloop van het beraad bleek dat ambtenaren van de provincie met hun collega’s in Leidschendam-Voorburg circa 3 meter als doorvaarhoogte overeen waren gekomen.

Heuvelink vraagt zich af hoe dat kan aangezien de provinciale Richtlijn Vaarwegen de doorvaarhoogte van 5,6 meter staat. Hij wil dan ook weten waarom de ambtenaren met een geringere hoogte hebben ingestemd. Het Statenlid wil ook alle communicatie daarover ontvangen.

Volgens het Statenlid zou er in mei al ambtelijke overeenstemming zijn bereikt maar werd hem dat niet in antwoorden op eerdere vragen meegedeeld. Hij wil nu weten waarom niet.

In het beraad van 10 oktober zou Vermeulen aangegeven hebben dat hij niets wist van een akkoord tussen de ambtenaren. Volgens wethouder Bouw is een brug met een doorvaarhoogte van 5,6 meter ‘lastig zo niet onmogelijk’ te realiseren. De 3 meter wordt nu gehanteerd voor het ontwerpproces voor de brug.