Mening
Burgerparticipatie: wrijving geeft glans en warmte (2)

In voorgaande column – maandag geplaatst bij Vlietnieuws – is stilgestaan bij wat onder burgerparticipatie verstaan kan worden, de noodzakelijke randvoorwaarden om er een succes van te kunnen maken en hoe de vlag er in Leidschendam – Voorburg voorstaat. Nu gaan we met name in op de voordelen van burgerparticipatie voor de gemeente en vervolgens hoe Leidschendam – Voorburg dit aanpakt (deel 3).

Het zal duidelijk zijn dat gemeenten, de uitdagingen die op ze afkomen, niet zelfstandig meer op kunnen lossen. Waarom dan geen echte samenspraak en samenwerking met de burger, die haar betalen en voor wie ze moeten zorgen/werken? Wat zijn nu de voordelen van constructieve burgerparticipatie?

Ten eerste: maak gebruik van de inzichten van burgers. Burgers weten als geen ander welke zaken wel of niet belangrijk zijn, ze hebben veel praktische en ervaringskennis, zijn soms erg deskundig op bepaalde thema’s, weten vanuit hun eigen praktijk situatie hoe maatregelen uitpakken en hebben direct baat bij betere oplossingen bijvoorbeeld in de eigen woon- en leefomgeving. Verder zijn burgers over het algemeen veel zuiniger en doelgerichter met geld dan bestuurders. De portemonnee wordt zeker met andermans geld veel zorgvuldiger beheerd. Moeder de vrouw weet hier wel raad mee.

Het creëren van draagvlak voor lastige beslissingen is een tweede voordeel. Beleid wordt nu net als de keuzes van bestuurders in kleine kring gemaakt en vervolgens uitgerold naar buiten, hetgeen burgers te vaak overvalt. Neem burgers in het begin van bijvoorbeeld uitdagende maatschappelijke vraagstukken mee en maak ze er deelgenoot en partner van. Hun inbreng en betrokkenheid voedt acceptatie en draagvlak, zelfs bij moeilijke besluiten. In plaats van het versterken van de traditionele ‘wij (overheid)–zij (burgers)’ tegenstelling op voorhand gaan voor de ‘samen’ insteek. Transparantie in alle fasen van het beleidsproces en afwegingskader biedt hierbij vertrouwen en draagvlak onder burgers.

Als derde voordeel zou ik willen noemen: het tegengaan van de almaar uitdijende overheid. Niet alleen qua formatie (het ambtenaren apparaat) maar ook qua financiën, verantwoordelijke themavelden en regelgeving. Steeds meer zaken komen op het bordje van de publieke sector terecht en pogingen tot sanering zijn veelal vruchteloos. Het dichtregelen van de samenleving en de economie onder invloed van juridische oplossingen is hier een voorbeeld van. Door burgers mee te nemen in prioriteitstellingen kan een tegenwicht gevormd worden voor de alsmaar groeiende overheidsuitgaven en regelgeving.

In het verlengde hiervan ligt als vierde voordeel: het saneren van overbodig beleid. Oud beleid, ook dat niet meer werkt blijft te vaak bestaan en wordt eerder marginaal aangepast. Laat burgers overbodig beleid aanwijzen en saneer waar mogelijk. Het intern zelfreinigend vermogen binnen de overheid blijkt onvoldoende te werken dus is een praktische externe blik nodig.

Een andere impuls ligt, als vijfde voordeel, bij het bevorderen van creativiteit en met name durf binnen de overheid. In plaats van de gebruikelijke uiterst voorzichtige kleine stappen benadering met bretels, riem en sokophouders bij bestuurders zou experimenteren en simulaties zicht geven op mogelijkheden. Fouten maken hoort hierbij, maar er moet wel van geleerd worden. Het out of the box denken van burgers zal zeker op dit vlak van toegevoegde waarde zijn. Wrijving geeft glans en warmte en hoeft niet tot krassen te leiden.

Tot slot kan nog gewezen worden op de voordelen die te maken hebben met de inbreng van burgers bij de zogenoemde beleidsprocessen. Met name burgers hebben zaken als: doeltreffend, doelmatig, rechtvaardigheid, consistentie en eenvoud, scherp op het netvlies. Op dezelfde wijze wordt ook het afwegingsproces van de verschillende belangen en rollen binnen overheidsthema’s door burgers veel praktischer beschouwd. Los van de ambtelijke en politieke werkelijkheid en gebruikelijke politieke uitruil-processen. Constructieve burgerparticipatie kan net als de journalistiek en onderzoekers een wezenlijke bijdrage aan het proces van checks and balances gaan spelen.

Kortom redenen te over om serieus de meerwaarde van burgerparticipatie om te zetten in beleid en met name acties. Het betreft wel een ‘dubbele punten wedstrijd’. Wordt hier niet serieus en doelgericht mee omgegaan dan keert de wal het schip en zetten (nog) meer burgers zich af tegenover het publieke bestel en politieke partijen. Hier ligt bij uitstek een kans voor de gemeente, want er is makkelijk erg veel te winnen, en geen bedreiging.

(Rob van Engelenburg, docent Stichting Burger en Overheid. Met medewerking van professor Peter van Hoesel)