Nieuws
Peter van der Ploeg leest Barry Hay: ‘Een heel leven – godskolere  man’

‘Een heel leven – godskolere  man.’ Woorden die Peter van der Ploeg zijn bijgebleven. In zijn wekelijkse blog op Vlietnieuws duikt de directeur van Huygens’ Hofwijk en boekenkenner in de biografie van Barry Hay.

Mijn ’comfort zone’ met betrekking tot lezen omvat literatuur, historische of literaire biografieën en geschiedenis. De biografie van Barry Hay, de zanger van The Golden Earring, lijkt daar toch wat buiten te vallen. Desondanks bleef het boek een poosje geleden in de boekhandel aan mijn vingers plakken. Dat de prachtige cover in zwart-wit, met daarop Barry Hay die je strak aankijkt door een donkere zonnebril, leek te duiden op een no-nonsense biografie sprak me wel aan. Maar wellicht is het vooral de status van The Golden Earring, een van die bands waarvan de inmiddels bejaarde leden na meer dan vijftig jaar optreden stug blijven doorgaan, die mij het boek deed kopen. Ik heb weinig met popmuziek, maar met één uitzondering: The Rolling Stones. En die twee verhalen lijken toch wel wat op elkaar.

[Terzijde: Ik schreef bovenstaande woorden eerder deze week. Inmiddels is bekend geworden dat de band, vanwege ziekte van George Kooymans, ermee stopt]

Beide bands hadden succes in de jaren zestig, zeventig en tachtig, waren beroemd – de Stones iets meer dan de Earring – en teren na hun successen op die roem. Nog steeds. Ze doen dat nu al zo lang dat ze als het ware museumstukken van de pop- of rockmuziek zijn geworden. Hun concerten zijn nog steeds uitverkocht. Het publiek komt voor de muziek, maar niet minder voor het jeugdsentiment. Zoals ik. Ik ga nooit naar popconcerten, behalve af en toe naar de Stones. Daar heb ik iets mee. Ik vind er bij vlagen nog iets van vroeger in terug.

Dat laatste is precies waarom ‘Hay’ zo’n lezenswaardige biografie is. Barry Hay vertelt zijn levensverhaal op een aanstekelijke en openhartige manier. De kern van zijn betoog is dat hij, bijna vijftig jaar nadat hij tot de Earring is toegetreden, nog steeds met plezier op het podium staat en geniet van het ieder optreden. Hij ontkent niet dat dit ook bij hem vooral om de verdiensten gebeurt, maar optreden is tevens iets waar Hay en zijn collega’s niet buiten kunnen.

Dat Barry Hay in 1968 de zanger werd van The Golden Earring, toen nog Earrings geheten, was voor hem een droom die uitkwam. Hij zei ook direct ‘ja’ op het aanbod. In de jaren ervoor had hij bij verschillende Haagse bandjes gespeeld waarvan de bezetting regelmatig wisselde. Dat was ook het geval geweest bij The Golden Earrings, opgericht door de buurjongens George Kooymans en Rinus Gerritsen. Pas met de komst van drummer Cesar Zuiderwijk in 1970 bereikte de band haar definitieve samenstelling.

De band is Hay’s leven. Dat merk je aan alles wat hij zegt. Want dát is het format dat biograaf Sander Donkers hanteert. Hij laat Barry aan het woord. Zoals bij zijn herinneringen aan de eerste tournee van de Earring door de Verenigde Staten, in 1969, met een door henzelf bestuurd busje: ‘Van alle optredens ben ik veel vergeten, maar die ellenlange tochten dwars door Amerika staan nog zó scherp op mijn netvlies. In Nederland staat er af en toe een koe in de wei, en bij Maastricht is er een heuvel. Nou, gefeliciteerd. Maar daar, de uitgestrektheid, de bossen, de bergen: het is woest, gewelddadig, oogverblindend. Steeds weer zei ik tegen mezelf: zuig het op en vergeet het nooit meer. Save, save!’

Het grootste vroege succes van de band was het nummer Radar Love uit 1973. Hay schreef de tekst. Het werd een wereldhit, en Amerika lonkte opnieuw. Een tweede tournee volgde, veel professioneler opgezet dan de eerste. Maar na afloop moesten ze vaststellen dat ze nauwelijks geld overhielden aan het avontuur. De hele ‘star treatment’ waarvan ze onderweg zo hadden genoten, bleken ze zelf te hebben betaald. Dat was een fout die ze niet meer zouden maken. Ze werden hun eigen manager.

Barry Hay woont tegenwoordig op Curaçao. In die relaxte omgeving praat hij honderduit terwijl Donkers luistert, noteert en soms iets nuanceert. Het idee voor een biografie was van Thé Lau, de vriend van Barry die in de zomer van 2015 overleed. Barry: ‘Dus ik ben er eigenlijk een beetje in geluld. Door Thé. […] Toen begon ik er écht over te denken, aantekeningen te maken. Zo gaat dat met mij, je zult het wel merken. Van nature ben ik te lui om voor de duivel te dansen. In eerste instantie zeg ik meestal nee tegen dingen. Maar als ik eenmaal overtuigd ben, als iemand me over die heuvel heen heeft geduwd, dan stort ik me er ook vol in. Op een gegeven moment kon ik er ook bijna niet meer van slapen. Een heel leven – godskolere  man.’

Hay opent zijn leven voor Donkers. Ook letterlijk, door hem toe te laten in zijn dagelijkse leven. Gesprekken aan de rand van het zwembad, in de auto, op de sportschool en aansluitend in de bar. Over zijn jeugd in India, de muziek, vanzelfsprekend uitvoerig over de band, de vrouwen in zijn leven, over seks, zijn kinderen en zichzelf. Hij kan zich veel herinneren, lijkt niets te verbergen. Naast de ruige rockster rijst het beeld op van een tegenwoordig vrij gedisciplineerde man. Een man die zijn lichaam goed verzorgt met verantwoord voedsel en de vrijwel dagelijkse gang naar de sportschool, en vervolgens beschaafd maar wel langdurig aan de witte wijn of iets sterkers gaat. En als hij daar trek in heeft wat coke snuift. Hij zit daar niet mee. Zijn lijfspreuk is ‘There is no such thing as perfect paradise’.

Zo eens in de maand vliegt hij naar Nederland voor optredens met de band. Die zijn de laatste jaren akoestisch, waarmee ze weer een nieuw publiek trekken. Zijn echtgenote Sandra houdt hem op het rechte pad wanneer de verleidingen te groot worden. Als hij coke naar binnen smokkelt, of als hij écht te veel drinkt. Ze zijn aan elkaar gewaagd. Ook zij vertelt haar verhaal spontaan, en breekt zonder pardon in als Barry een te sterke uitspraak doet.

Een biograaf die zijn onderwerp het liefst zelf aan het woord laat, hoe gaat die om met het checken van de feiten? Donkers: ‘Dit is Barry’s verhaal. Gedistilleerd uit meer dan honderd uur conversatie met hem. […] Vanzelfsprekend heb ik al zijn verhalen zoveel mogelijk gecontroleerd met al bestaande bronnen – boeken, interviews, documentaires. Soms bleek dat onmogelijk, in een enkel geval spreken die bronnen zijn herinnering tegen. Dan heb ik Barry’s geheugen voorrang gegeven.’ Zo doe je dat. Een mooi verhaal hoeft immers niet altíjd voor 100% waar te zijn.

Sander Donkers / Hay. Biografie van de grootste rockster van Nederland / 384 blz / Lebowski Publishers, 2016