Nieuws
400 Jaar Molen de Vlieger (7): Molenaar

Dit jaar is het 400 jaar geleden, dat molen De Vlieger in Voorburg werd gebouwd. Dat zal worden gevierd met onder andere de uitgave door de Historische Vereniging Voorburg van een boek over de geschiedenis van deze molen. Vooruitlopend op de jubileumviering vertelt molengids Wim van Horssen iedere twee weken in Vlietnieuws het een en ander over molen De Vlieger.

Van Crijn Dircxz. van de Loo tot en met Bram Zonderop. In de afgelopen 400 jaar hebben minstens twintig molenaars molen De Vlieger laten draaien. Waaronder de wat mysterieuze figuur van Ary de Vlieger, waarover in het jubileumboek meer te lezen zal zijn. Behalve dat ze op dezelfde molen hebben gezeten, hebben de molenaars van De Vlieger gemeenschappelijk dat ze hard moesten werken voor weinig geld.

Hoewel de molen niet altijd kon en moest draaien, diende een poldermolenaar wel altijd beschikbaar te zijn, dag en nacht. Dat stond in zijn contract. Hij was in dienst van het polderbestuur en dus eigenlijk een soort ambtenaar. Maar de zekerheden van een hedendaagse ambtenaar had hij niet. Hij werd steeds voor een jaar aangesteld en kon bij klachten op staande voet worden ontslagen.

Even wisselvallig als het weer was de tijd die de poldermolenaar aan het malen moest besteden. Als de polder heel nat was, moest hij zelfs dag en nacht door. Ook op zondag, wat soms heel gevoelig lag. Tijdens het draaien mocht de molenaar niet verder dan vijftig roeden (= ca. 200 meter) van de molen verwijderd zijn.

Wanneer de molen niet draaide, was er tijd voor klein onderhoud, zoals het smeren van het lopende werk, het controleren van de touwen en het repareren van de zeilen. De molenaar moest eventuele rommel uit de achterwaterloop halen om te voorkomen dat het waterrad zou vastlopen. Ook moest hij het molenerf op orde houden. Verder werd van hem verwacht dat hij de timmerman, de smid of de rietdekker bij klussen aan de molen hielp en dat hij assisteerde bij de schouw door het polderbestuur.

Tegenover al dit werk stond vrij wonen en tot ver in de 19e eeuw een salaris van gemiddeld honderd gulden per jaar. Dat was nauwelijks genoeg om met een gezin van te leven. Een ongeschoolde dagloner kon al gauw het dubbele verdienen, maar dan moest hij natuurlijk wel elke dag werk hebben. Het is dus geen wonder dat de poldermolenaars moesten bijklussen om rond te komen. De familie Zonderop, die sinds de jaren dertig van de twintigste eeuw de molen bemant, hield zich naast het molenaarsschap bezig met veeteelt. Ze had land gepacht, waarop koeien, varkens, geiten en kippen werden gehouden, en paarden werden gefokt. Er waren meer molenaars die een klein boerenbedrijf hadden of er een moestuin op nahielden, zoals er nu ook weer een tuin bij De Vlieger is. Ook waren er die in de droge zomermaanden, als er nauwelijks behoefde te worden gemalen, zich verhuurden als dagloner voor het hooien of oogsten.

Veel molenaars hadden toestemming om bij hun molen te vissen. Soms was de vangst van paling, snoek, baars en andere vissen zo overvloedig dat ze ervan konden verkopen. Er waren verder molenaars die zich bezighielden met jagen, turfwinning, rietsnijden, houthakken of mollenvangen. Ook waren er die het molenaarswerk combineerden met het maken van klompen of het vervaardigen van bezems. Tenslotte waren er molenaars die tevens de functie van molenmaker vervulden.

Molenaar werd je niet, omdat het je zo’n leuke baan leek, maar omdat je vader het ook was. Dat gold vroeger trouwens voor tal van beroepen. De oudste zoon in de molenaarsfamilies werd door zijn vader langzamerhand ingewijd in de geheimen van het vak. Door de contacten met andere molenaars vonden de molenaarszonen hun vrouw vaak onder de molenaarsdochters. Zo ontstonden hele molenaarsfamilies, waarvan de leden soms ook nog op naburige molens zaten. Molenaar was dus niet zomaar een baan, maar meer een manier van leven. Dat leven veranderde voor een deel van de molenaars drastisch toen in de 19e eeuw naast windkracht ook stoom werd ingezet voor de bemaling van de polders. Daarover gaat het in de volgende aflevering van deze serie.

(Foto’s Wim van Horssen. Molenaar Bram Zonderop is aan het kruien; Molen de Vlieger heeft weer een groentetuin)