Mening
Blog: Samen Sterk voor Noord

(In de serie maandelijkse columns van fractieleiders in de gemeenteraad dit maal een bijdrage van Ron van Duffelen, fractieleider CDA)

Terwijl ‘de koers van de vallende bladeren’, ofwel de Ronde van Lombardije, het einde van het wielerseizoen aankondigt, trakteert de herfst ons op een mooie nazomer. Lopend door Prinsenhof zie ik een heldere hemel en stralende zon, spelende kinderen en keuvelende ouders. Leidschendam-Noord, wijk waar ik woonde en nog graag kom, is binnenkort onderwerp van debat in commissie en raad. De autobranden vorig voorjaar hebben het zicht op de wijk op scherp gezet.

Tijdens burendag zag ik afgezette straten waar buren samenkwamen en gezamenlijk activiteiten ondernamen. Ik zag kerken die openstonden voor de buurt. De corona-maatregelen waren versoepeld, de 1,5 metersamenleving opgezegd en mensen kwamen weer bijeen. Het was fijn te zien dat de gemeenschap nog leeft, dat een mens meer is dan een individu en het coronavirus ons niet meer gijzelt, ook al is het niet weg. In Leidschendam-Noord werd burendag aangegrepen om het zwerfafval op te ruimen. Buurtbewoners, gesteund door raads- en commissieleden, sloegen de handen ineen om de wijk een schoner gezicht te geven. Voor mij een voorbeeld dat burendag steeds meer echt leeft, dat samen er toe doet en buren betrokken zijn bij hun buurt.

Betrokkenheid is de kern van samenleven. In het raadsvoorstel over Leidschendam-Noord lees ik die betrokkenheid en het samenleven terug. Er gebeurt veel positiefs in de wijk door en met bewoners. Er is onderlinge betrokkenheid. Tegelijkertijd kent de wijk veel inwoners met een inkomen op het sociaal minimum, staat de leefbaarheid en veiligheid onder druk door een te eenzijdig woningaanbod, groeien kinderen op in armoede en is er sprake van ondermijnende criminaliteit. En hoe mooi en goed een initiatief als samen zwerfafval opruimen ook is, in het weekend staat het grof vuil op straat.

Het is aan de politiek om ons niet neer te leggen bij het minder rooskleurige beeld van de wijk. Het is wel aan de politiek om de wijk perspectief te bieden. Daarvoor ligt er een raadsvoorstel, maar perspectief bieden kan de politiek niet alleen. De politiek moet ook niet pretenderen, en het CDA doet dat ook niet, dat het het antwoord heeft. Het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid in de wijk vergt jaren en kan alleen gerealiseerd worden als iedereen meedoet.

In de eerste plaats de huidige en toekomstige bewoners zelf door de betrokkenheid bij de wijk te tonen en te activeren. Met de schoonmaakactie op burendag en de andere activiteiten die in de wijk georganiseerd worden geven zij daarvoor een duidelijk en mooi signaal af. Alleen, ook de gemeente zelf, woningcorporaties, de politie, kerken en de moskee, welzijns- en maatschappelijke organisaties, zoals de bibliotheek die aan het Fluitpolderplein blijft, zullen actief bij moeten dragen aan het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid in de wijk.

Met alle partners, de bewoners, de gemeente en het maatschappelijk middenveld zullen we moeten durven investeren in Leidschendam-Noord, in tijd, energie en ook in geld. Over dat laatste gaat het dan al snel in de politiek. Dat is niet verkeerd, maar af en toe mag je ook naar de horizon kijken. Het enige dat je dan moet doen is voorkomen dat met iedere stap die je vooruit zet de horizon eenzelfde stap mee zet.

‘Sterk voor Noord’ is een programma waar het CDA zich in herkent omdat het aansluit bij het CDA-gedachtegoed. Het gaat niet enkel om het individu. Het gaat om de gemeenschap, om samenleven, om solidariteit en om in betrokkenheid met elkaar Leidschendam-Noord veilig en leefbaar te maken.

(Ron van Duffelen, fractievoorzitter CDA)