Den Haag heeft opnieuw extra geld nodig voor de Vlietlijn, een project dat nu inmiddels bijna richting de €1 miljard gaat voor slechts 4.5 kilometer spoor. De Haagse Wethouder Verschuure lobbyt daarom stevig bij het Rijk.
Tegelijkertijd bevestigd Verschuure dat de vervoerswaarde van de Vlietlijn simpelweg mager is. Niet alleen in Leidschendam-Voorburg (dat wisten we al), maar nu blijkt ook de gehele exploitatie onder druk staat. Dit is geen robuuste OV-lijn, maar een kwetsbare businesscase.
Een hoogfrequente tramlijn van deze omvang is daarmee feitelijk overgedimensioneerd.
Het Rijk geeft bovendien niet zomaar extra geld. Ze hebben tegenwoordig ook andere prioriteiten. De deal is duidelijk: extra rijksbijdrage in ruil voor minimaal 8000 extra woningen (bovenop de reeds vergunde 5000 woningen).
En daar wringt het. Om die woningbouw mogelijk te maken, moet het afvalcluster (deels) verdwijnen en verplaatst worden naar de groene Vlietzone. Dat betekent aantasting van groen, druk op recreatie (zoals de golfbaan), extra verkeer en een verslechtering van de leefomgeving voor inwoners aldaar.
Kort gezegd: een dure lijn met beperkte vervoerswaarde leidt tot ingrijpende ruimtelijke keuzes met grote lokale gevolgen.
De kernvraag is dus onvermijdelijk: kan het ook anders? Geen overgedimensioneerde tramlijn zoals die nu voorligt, iets minder woningbouw, en daarmee ook minder aantasting van de Vlietzone.
(Judith Geelen)





