Wordt het u ook wel eens bang te moede wanneer u ons lands- en gemeentebestuur over elkaar heen ziet buitelen? Niet in een inspirerende choreografie, maar meer als een kluitje kleuters tijdens een zakloopwedstrijd.
Verbinding. Gezamenlijke verantwoordelijkheid. Het erkennen van de echte problemen en vervolgens samen aan oplossingen werken. Mooie woorden, maar ze lijken inmiddels net zo zeldzaam als een parkeerplek bij de Mall op zaterdagmiddag.
Wat wél floreert is het ongebreidelde individualisme. De vrijheid om vooral zelf gelukkig te worden, liefst zonder lastige beperkingen en desnoods ten koste van een ander. De dagelijkse praktijk levert daarvan voorbeelden genoeg, variërend van voordringen tot gewelddadige toe-eigening.
En dan is er nog het materialisme: de moderne godsdienst waarin geluk wordt afgemeten aan bezit. Terwijl we allang weten dat materie nooit verzadigt. Het wil altijd meer. Dat is ook precies het fundament waarop onze economie en marketingmachine draaien.
Geluk zit echter niet in spullen, maar in kleine woorden, eenvoudige gebaren, liefde, aandacht en de bereidheid elkaar iets te gunnen, het openstaan voor elkaar met begrip en onbaatzuchtigheid.. Misschien is daarom de hemel ooit bedacht: als plek waar niemand nog een nieuwe keuken of elektrische SUV nodig heeft.
Maar genoeg filosofie. Uiteindelijk belandt elke maatschappelijke ontwikkeling vroeg of laat op het bordes van ons gemeentebestuur.
Dat de huidige coalitie haar houdbaarheidsdatum heeft overschreden, lijkt inmiddels een open deur. Heel even vreesde ik dat de knieën van D66 zouden bezwijken onder de druk van VVD en haar lokale filiaal VVD2, beter bekend als GBLV. Tot nu toe lijken de gewrichten het echter wonderwel te houden.
Dat GBLV desondanks vijf zetels wist te behalen – mede dankzij proteststemmen uit de PVV- en FVD-hoek – zegt misschien minder over hun kwaliteiten dan over de frustratie van de kiezer.
Ondertussen waant de VVD zich veilig met een meerderheid van één zetel en een versnipperde oppositie die vooral druk lijkt met zichzelf.
De oogst van dit college spreekt inmiddels voor zich en vult u de verantwoordelijke wethouders maar in.:
· Vlietland: een debacle.
· De Mall en het parkeerbeleid: een debacle.
· Voorburg-Noord: een verkeerde inschatting.
· Infrastructuur Voorburg-West: opnieuw een debacle.
· Het Kultuurhuus in Stompwijk: vooral geheimzinnig.
· De Julianabaan: wederom een debacle.
· Bouwprojecten en ruimtelijk beleid: hetzelfde recept.
· Schakenbosch, afspraken sociale woningen in het water gegooid, zelfs na amendment.
· Vlietzoom: zo problematisch dat zelfs de gemeenteraad het initiatief naar zich toe trekt.
Twee bestuurders springen daarbij nadrukkelijk in het oog.
Wethouder Van Eekelen staat al geruime tijd zwaar onder vuur en lijkt meer belangstelling te hebben voor de volgende functie dan voor de huidige. Meerdere vergeefse sollicitaties naar het burgemeesterschap hebben daar weinig aan veranderd.
Wethouder Bremer kreeg ruim gelegenheid om zich op foto’s te laten vereeuwigen bij projecten die grotendeels al liepen, maar slaagde er tegelijkertijd in vrijwel iedere groep bewoners van nieuwbouwplannen tegen zich in het harnas te jagen. Burgerparticipatie lijkt daarbij een onbekend hoofdstuk uit een nog ongelezen handboek.
Ook de overige bestuurders maken geen onuitwisbare indruk. Van Veller, onze gemeentelijke hoofdboekhouder, strompelt van financiële tegenvaller naar financiële tegenvaller en mag zich inmiddels opmaken voor een stevig juridisch gevecht met Metterwoom rond de Julianabaan. Dankzij zijn collega van Eekelen.
Collega Belt verkeert voorlopig nog in rustiger vaarwater met zijn groene ambities en cultuurportefeuille, al blijkt vergroening niet altijd de beste vriend van de parkeerdruk in Voorburg-Noord.
Het college als geheel lijkt bovendien een bijzondere bestuursstijl te hanteren: vriendelijk knikken richting Den Haag, het voorgeschotelde menu tandeloos zonder morren accepteren en vervolgens zonder kauwen noodgedwongen doorslikken.
En zo blijft de fundamentele vraag overeind: waar gaat dit naartoe?
Een bestuur dat zich comfortabel voelt achter de muren van het eigen gelijk en de wettelijke bevoegdheden heeft weinig prikkels om werkelijk naar inwoners te luisteren. Burgerparticipatie blijft daardoor te vaak een inspraakavond met koffie en koekjes, terwijl de besluiten allang genomen zijn.
Het ene geheim is nog niet opgehelderd of het volgende dossier verdwijnt alweer achter gesloten deuren.
Intussen haakt bijna de helft van de kiezers af. Dat is niet alleen zorgelijk voor de lokale politiek, maar ook voor het vertrouwen in onze representatieve democratie.
Wanneer ontstaat eindelijk een bestuur dat een eerlijke afspiegeling vormt van de inwoners van Leidschendam, Voorburg en Stompwijk, in plaats van een gesloten machtsblok dat zichzelf in stand houdt?
Misschien heeft D66 inmiddels weer eens in de spiegel gekeken en het stof weggeblazen van de idealen van oprichter Hans van Mierlo:
· Breek de macht van de politieke elite.
· Versterk de directe democratie met referenda.
· Zet pragmatisme boven ideologie.
· Kies voor openheid, medezeggenschap en democratisering.
Dat zouden tenminste de eerste stappen kunnen zijn naar echte burgerparticipatie en een bestuur dat vertrouwen verdient in plaats van opeist.
Pak die handschoen weer op, D66.! Werk aan een bestuursvorm waarin inwoners daadwerkelijk gelijkwaardige partners zijn. En misschien ontdekt u onderweg dat daarvoor VVD en VVD2 helemaal niet onmisbaar zijn.
Voor het eerst in lange tijd gloeit er weer iets van hoop. En dat geeft, hoe onverwacht ook, een beetje warmte.
Burgermans, inwoner
P.S. Het verlies van een onafhankelijk en krachtig tegengeluid zou wat mij betreft een doodsteek zijn voor het vrije woord. Daarom een welgemeende oproep: zorg dat Vlietnieuws de plaats behoudt die het dubbel en dwars verdient. Alle lof voor de medewerkers en drijvende krachten. En wat mij betreft geldt maar één motto: WE GAAN DOOR!





