De achterstand bij de opvang van statushouders (asielzoekers die mogen blijven) loopt op. Per 1 juli moesten er nog 190 van een dak boven het hoofd voorzien worden; acht meer dan per 1 januari was berekend. Dat blijkt uit een brief van de Commissaris der Koning, Wouter Kolff, aan B&W.
De provincie is toezichthouder huisvesting statushouders. Al eerder kreeg de gemeente te horen dat als men de achterstand niet per 1 april 2027 had weggewerkt, de provincie de statushouders op kosten van de gemeente gaat huisvesten.
Op 1 januari 2026 bedroeg de totale huisvestingsopgave 247 statushouders: 65 nieuwe voor de eerste helft van 2026 plus een achterstand uit voorgaande jaren van 182 vergunninghouders uit voorgaande perioden. Destijds bood de provincie gemeente de gelegenheid tot 1 april 2027 om de achterstand alsnog zelf weg te werken.
In de eerste zes maanden van 2026 zijn er door de gemeente 45 statushouders gehuisvest. Per 1 juli is de taakstelling wettelijk met nog eens 71 verhoogd. Per 1 januari 2027 komen er opnieuw zo’n 60 tot 70 bij.
‘Wij hebben begrip voor de belemmeringen waar uw gemeente in de praktijk tegenaan loopt bij het realiseren van de taakstelling, bijvoorbeeld als gevolg van de krappe woningmarkt en de nodige uitvoeringsvraagstukken. Tegelijkertijd zijn Gedeputeerde Staten wettelijk verplicht toezicht te houden op de uitvoering van de taakstelling en de voortgang daarvan te volgen’, aldus Kolff.
‘De in het besluit van 1 januari 2026 opgenomen hersteltermijn loopt af op 1 april 2027. Indien uw gemeente op dat moment de volledige achterstand niet heeft ingelopen en niet heeft aangetoond dat zij deze achterstand door middel van concrete, uitvoerbare en verifieerbare maatregelen tijdig zal inlopen, zullen Gedeputeerde Staten overeenkomstig het eerder genomen besluit overgaan tot trede 6 van de interventieladder en daarmee tot de feitelijke uitvoering van de indeplaatsstelling’.
‘Wij zullen uw gemeente in januari 2027 opnieuw uitnodigen voor een bestuurlijk overleg om de voortgang van de huisvesting van vergunninghouders te bespreken. Dit overleg is bedoeld om de stand van zaken te beoordelen binnen de reeds gestelde hersteltermijn. Gedeputeerde Staten behouden zich daarbij het recht voor om, indien de ontwikkeling van de achterstand daartoe aanleiding geeft, ook voorafgaand aan dit overleg aanvullende informatie bij uw gemeente op te vragen’.





